Welkom nieuwelingen!

Het Serpentarium is 4 diersoorten rijker! Drie blauwe stekelleguaantjes, 4 madagaskardaggekko’s, 2 ridderanolissen en 2 prairieratelslangen laten zich van hun knapste kant zien. Door de grote rotswanden, de vele tropische planten, de prachtige watervallen en de aangename temperatuur waan je je in het Serpentarium op een prachtige reisbestemming waar de dieren helemaal in hun nopjes zijn. De blauwe stekelleguaantjes komen uit de ZOO en zijn nog echte jonkies. De ridderanolissen zijn de grootste anolissen in de familie. Deze hagedissen kleuren felgroen en leven in de toppen van de bomen. Net als de madagaskardaggekko’s lijken ze met hun pootjes tegen het glas te kleven. Prairieratelslangen zijn enorm giftig. Een beet en geen dokter in de buurt? Dat kan je niet meer navertellen. Ben je figuurlijk gebeten door slangen? Vier keer per dag tijdens de herfstvakantie kan je een onschuldige korenslang aaien: 11u, 13u30, 15u en 16u. Voor de durvers!

Enorm tof weetje

Kleefkracht!

Gekko’s, reptielen van de hagedisfamilie, verslaan de zwaartekracht. Ze klimmen op glas, rennen muren op en af en zitten roerloos ondersteboven tegen het plafond. Ze kunnen zelfs aan één enkele teen blijven hangen. Een intrigerende eigenschap waarvan de mens enkel kan dromen. Pas in 2000 ontrafelden wetenschappers het ware geheim achter de magische pootjes. Ze werken niet met zuignappen, lijm, magnetische velden of klittenband. Hun vier pootjes met elk vijf tenen zijn eigenlijk enorme, voor ons oog onzichtbare haarnetten. Elk borstelhaartje of seta is veel dunner dan een mensenhaar. Op elk pootje staan een half miljoen minuscule haartjes die dan ook nog eens duizend keer vertakt zijn tot een gigantisch netwerk. Ook de zooltjes staan vol. Al die kleine scherpe haarpunten worden aangetrokken door de zwakke moleculen van het oppervlak met de vanderwaalskrachten. Het groot aantal contactpunten smelt samen met het oppervlak en zo kleeft onze gekko als het ware tegen de wand. Gekko’s zijn echte muurbloempjes en je plukt ze niet zomaar van de muur. Ze kunnen met hun vier pootjes samen wel dertig kilogram dragen. Leuk weetje, maar niet echt nodig voor hun eigen gewicht van 60 tot 100 gram. Zelf moeten ze niet hard trekken om hun pootjes te verzetten. Onder een hoek van 30 graden rolt hun zooltje af, een beetje zoals bij een rups. Ze sprinten een meter per seconde.